Rechtspreken, buikspreken, linkspreken, kromspreken, uitspreken en tegenspreken....................
Clientenorganisaties in het familierecht over de kwaliteit van de rechterlijke macht.in opdracht van het Platform Samenwerkende Cliëntenorganisaties in de Jeugdzorg en het Familierecht. Tekst; Joep Zander.| Het is al weer 15 jaar geleden dat ik dit artikel schreef voor een boek over de Rechterlijke macht van de Universiteit Utrecht en het studiecentrum Rechtspleging. Is er wat veranderd? Ondanks alle mooie praatjes van de heren en dames magistraten: nee. Lees voor de stand van zaken: Nederland een rechtersdictatuur? |
Niet iedereen
ervaart het recht van het rechtspreken als recht. Andere woorden vallen
makkelijk op de plaats waar "recht" stond. Vooral bij de in het ongelijk
gestelde partij. De logica hiervan maakt echter tevens dat er een neiging kan
ontstaan de kwaliteitsvraag niet meer recht in de ogen te kijken. Zeker bij
zoiets essentieels als het contact tussen kinderen en hun ouders, kan er beter
een keer teveel gekeken worden dan te weinig. De kritiek op het functioneren van
het familierecht komt niet van de cliëntenorganisaties alléén maar ook van
gerenommeerde wetenschappers als Hoefnagels Hoe sneller dit pijnlijke proces verloopt hoe beter. Daartoe wil ik een aantal heikele punten blootleggen. We moeten de waarheid in de ogen durven kijken. Dat is onze manier om een bijdrage te leveren aan de discussie over de kwaliteit van de rechtspraak. Waarheidsvinding (linkspreken) Waarom wordt het al jaren gewoon gevonden dat in het familierecht zowel in de behandeling van de individuele zaak *Idee: Feitelijke waarheden dienen naast de emotionele waarheden te worden gelegd. Waarheidsvinding en de daarmee gevonden feiten zijn van belang bij een kwalitatief goede beoordeling in het familierecht. Openbaarheid. (uitspreken) Openbaarheid van uitspraken, nauw verweven met waarheidsvinding, ligt besloten in art. 6.1. EVRM. Uitspraken van de rechter zijn openbaar; privacybescherming doorkruist dat niet. Artikel 6.1 EVRM De hoofdgriffier van een rechtbank meende dat het vragen om inzage in uitspraken een bewijs is van wantrouwen in de rechterlijke macht. Persoonlijk vertrouwde ik tot nu op de rechterlijke macht in die zin dat ik dacht dat ze zich althans zelf aan wettelijke bepalingen zou houden, en dus gewoon inzage zou toestaan. Juist waar het familierecht met zulke subjectieve zaken handelt, of meent te moeten handelen, is openheid geen luxe. Bovendien moet met het naleven van de rechtsregels vertrouwen gewekt worden. Rechtbanken die de wet niet naleven wekken geen vertrouwen. *Idee: Van alle uitspraken in zaken worden geanonimiseerde versies gemaakt die in ordners worden opgeslagen op zaaknummer en in een aparte ruimte (bibliotheek, archief) toegankelijk zijn. (Vergelijk de inzagemogelijkheden bij de Nationale Ombudsman) De angst voor de rechter (buikspreken) Angst voor de rechter is een oud verschijnsel dat via een notie van heksenprocessen en inquisitie diep in het collektieve geheugen geworteld zit. Mensen zijn niet zozeer bang dat ze straf krijgen voor iets waar ze straf voor verdienen, uiteindelijk zal gerechtigde confrontatie de gestrafte een spiegel voorhouden. Angst voor de spiegel is een angst voor zichzelf; niet voor de rechter. Dieper zit de angst voor de willekeur die in een aantal rechtsgebieden wordt ervaren. Wat ook diep zit is de angst dat als je een vingertje opheft naar de rechter je hoofd eraf wordt gemaaid. Ik kan niet meedoen aan die aktie omdat mijn boedelscheiding nog moet worden behandeld door de rechtbank, was het antwoord op de vraag of iemand mee wil doen aan een nette aktie waarbij met spandoeken voor de ingang van een gerechtsgebouw werd gepost. Wij moeten in dit kantoor nog langer zaken doen met de rechtbank is de reaktie van veel advokaten op een suggestie tot wraking of klachtindiening. In het gebied van het familierecht is deze angst vrij algemeen geworden.Veel justiciablen houden maar hun mond op rechtzaken zelf. Melden dat de moeder geweld tegen jou als vader, heeft gebruikt heet al gauw dat partijen eindeloos kijven over de rug van de kinderen. Overigens wordt met een melding van een moeder over geweld of sexueel misbruik heel anders omgegaan dan met de melding van een vader, ook als het niet een kind maar haar persoon betreft. Het lijt mij winst als een rechter zich realiseert dat zij of hij angst oproep, en zich afvraagt of dat wel de bedoeling kan zijn van zijn of haar handelen. Effectief is het oproepen van angst in ieder geval niet. Wel effectief is het oproepen van ontzag en het uitoefenen van gezag. Het zou een zegen zijn voor veel rechters en rechtzoekenden als rechters zich van het verschil bewust zouden zijn. Het uitoefenen van gezag is opbouwend en is gebaseerd op feitelijke en emotionele inzichten, niet op overrulen. Het zou dan ook verstandig zijn klacht en wrakingsmogelijkheden in het algemeen niet uit de weg te gaan. Bijna alle bestuursorganen waarover geklaagd kan worden beschikken over folders ten aanzien van klachtprocedures. De rechter nog niet. *Idee; Raad en rechter zouden klachtmogelijkheden juist onder de aandacht kunnen brengen in plaats van er repressief mee om te gaan. Procespartijen kan gevraagd worden of ze zich kunnen vinden in de gang van zaken bij een onderzoek. Een folder over de klachtprocedure art 14a e.v. RO bij de Hoge Raad zou geen luxe zijn. Zorgvuldigheid in de rechtsgang (kromspreken) Rechtzoekenden moeten er van uit kunnen gaan dat er op een onafhankelijke wijze recht wordt gesproken, zonder preoccupatie van rechters met het ene of het andere belang. Het blijkt dat vooringenomenheid met een sexe-belang in het familierecht heel normaal wordt gevonden. Er zijn meerdere formulieren bekend van rechtbanken waaruit zonneklaar blijkt dat het niet denkbaar wordt gevonden dat de vader het gezag heeft of krijgt. Veel kliënten hebben, al dan niet terecht, de indruk dat de Raad voor de Kinderbescherming bijna nooit door de rechter wordt tegengesproken en vice versa. Omdat het voor vaders nu eenmaal bij beide instituten zelden goed uitpakt is dit niet onbegrijpelijk. Wel onbegrijpelijk is dat gezien deze omstandigheid de adviseur van de Raad voor de Kinderbescherming in de meeste rechtszalen een plaats toekomt die niet past bij een adviseur. *Idee: De Raad voor de Kinderbescherming zou in hogere mate kunnen worden behandeld als een adviseur/getuige dan wel procespartij. Een plaats achter dezelfde tafel als waar de rechtbank zit doet daaraan geen recht. Bij het Hof in Arnhem zit de raad op de achterste rij in de zaal. Het is vanuit hetzelfde oogpunt logisch dat de Kinderbeschermer niet voor of na de zitting met de rechter praat, ergo blijft zitten als partijen de zaal verlaten. Klachten (tegenspreken) Klachten kunnen de ogen openen.Veel rechters en raden ervaren het indienen van klachten echter als een bedreiging; als een vorm van tegenspreken met dezelfde impact als het verstoren van de gang van zaken op een zitting. Het indienen van klachten wordt door cliënten dikwijls ervaren als een contraproduktieve aktiviteit, die naast de primaire procedure erg veel tijd kost. Dit is niet zo vreemd waar blijkt dat het voorkomt dat dit ook door de beklaagde als contraproduktief wordt voorgesteld *Idee: Klachten over de raad voor de kinderbescherming die worden ingediend voor een zitting waar de resultaten van een raadsonderzoek aan de orde komen dienen met grote spoed te worden onderzocht en vòòr de betreffende zitting te worden afgehandeld. Dit mag niet tot een vertraging leiden, reden waarom extra middelen moeten worden ingezet om de klacht af te wikkelen Het zou een vooruitgang zijn als diegenen die klachten onderzoeken geen schijn van dubbel-funktie hebben in het proces. Om verwarring te voorkomen zouden leden van klachtencommissies, die tevens rechter of griffier zijn bij rechtbanken waar de primaire procesgang plaatsvindt, moeten kiezen. In navolging van de klachtencommissies jeugdhulpverlening zouden er vertegenwoordigers van cliëntenorganisaties in de klachtencommissies kunnen worden opgenomen. *Idee: Er zou een strikte scheiding moeten zijn tussen funkties bij klachtencommissies en ambtelijke funkties bij de rechtbank. Betrek cliënten meer bij de klachtbehandeling. De rechter als probleemoplosser Rechtspreken is
probleemoplossen; als het goed is. Maar de rechter is onvolmaakt; en soms
verergert hij het probleem. *Idee: Het zou goed zijn om de lezing en interpretatie van het Salomonsoordeel tot onderdeel te maken van de rechtersopleiding. Het gaat daarbij niet zozeer om bijbellezing alswel om het onderzoeken van een archetype van wijsheid die bijvoorbeeld ook aan de orde komt in de versie van het Salomonsoordeel van Berthold Brecht en de kritiek op eigendomsopvattingen over het kind zoals Kahlil Gibran die verwoordde in 'Over kinderen' Ouders en partners Dat ex-partners ruzie maken is niet te voorkomen door te zeggen dat ze dat niet mogen. Het cliché-geklaag over ouders die voor de rechter staan te bekvechten duidt meer op een grens aan de capaciteit van de rechter. Als er toch ruzie moet worden gemaakt dan vooral wel in de rechtbank. De schone schijn ophouden heeft weinig nut. Beter kan daar worden geleerd partner- en ouderrelaties uit elkaar te houden. Overigens is het merkwaardig dat rechtbanken die twee zaken zelf slecht uit elkaar kunnen houden. Het komt veel voor dat partijen in het Proces Verbaal worden aangeduid als 'man' en 'vrouw'. Dit forceert mensen in het hokje te gaan staan van ruziënde exen in plaats van coöperatieve ouders. Het onderzoeken van partnergeschiedenissen van ouders kan gevaarlijk zijn binnen een procedure over het ouderschap. Het ophalen van die geschiedenissen kán zin hebben, maar dan toch slechts in een bemiddelend/therapeutisch gesprek. *Idee: Subjectieve aanduiding van procespartijen zou moeten worden vermeden. Procespartijen zijn op de eerste plaats partij x en y. Ze zouden zeker niet moeten worden geduid met 'man' en 'vrouw'. De aanduiding 'vader' en 'moeder' zou dan meer voor de hand liggen. Omgangskonflikten worden in het algemeen beschouwd als een bron van negativiteit. Er vallen echter ook allerlei positieve opmerkingen over te maken. Het proces is een onderdeel van een zich ontwikkelende emancipatie en individualisatie. Ooit werd scheiding door de vrouwenbeweging ook benoemd als een mogelijkheid tot positieve ontwikkeling. Die aspekten zitten er zeker in als we de konflikten wat beter en opener zouden benoemen en ze niet over de hoofden van kinderen zouden uitvechten. De individualisatie van het vaderschap kan leiden tot een opwaardering van het vaderschap. Het zou goed zijn als daar de ruimte voor werd gecreëerd. In het belang van het kind. Het belang van het kind bij een ongestoorde autonome relatie tussen kind en vader. Geschreven voor het Discussie-congres kwaliteit van de rechtspraak (Stichting Studiecentrum Rechtspleging; S.S.R). Thema; Gebruikers- en omgevingsgerichtheid. Bijdrage namens de werkgroep familierecht verslag van het congres 25 september 1997 waar deze tekst voor werd geschreven.
|
![]() |
|
| Last Updated http://joepzander.nl/trouw.htm : zie ook de andere pagina's. © siteontwikkeling en beeldrecht Joep Zander |
|